Het is weer salamitijd !!!
|
April nadert en dus de paasdagen ook. De alfa wordt nerveus want binnenkort breekt het grote moment weer aan: een ritje naar het thuisland. Men neme een Alfa, een echtgenote, een dochter, een zus, een trekhaakdrager plus 2 fietsen (1 met dikke en 1 met dunne banden), een pinpasje en wat handbagage, en 3 brandstoftanken later bevinden wij ons in een wel heel erg zonnig Italië. Zoals ze bij Iglo zeggen: het belangrijkste ies die bodem. Welnu, die is in Italië een stuk harder dan in Holland, bovendien ook veel vruchtbaarder , want er groeien bomen op die wel een paar honderd meter hoog zijn. Als ik hier in ons polderlandje rij zijn de bossen vaak maar een paar centimeter hoog, akelig lichtgroen en er lopen allemaal van die grote zwart-witte beesten op. Het begon dus bijzonder zomers. Tijd voor een opwarmritje met de dunnebandenfiets. Ruim 95 % van mijn fietskleding had thuis kunnen blijven, als het 25 graden is heb je ook bij het afdalen geen thermobroek nodig. Tijdens zo’n eerste rit uiteraard weer last van de beroemde beginnersfout: een helling van 12 procent trek je echt niet op het grote (voor) blad. Eigenwijs als ik ben dacht ik dat het me deze keer (na al zoveel jaren klimervaring) wel in 1 keer zou lukken om de hele klim non-stop en in het zadel vol te houden, maar dat was dus een kleine misvatting. Of kwam het door de warmte?? 25 Graden is lekker, maar bij een snelheid van ca. 12 km/uur en een hartslag rond de 160 per minuut lijkt 25 graden wel het dubbele. Geen geklaag, op dit weer hadden we toch gehoopt?? Toch grappig, vorig jaar reed ik dezelfde rit, maar dan wel bijna als een eskimo ingepakt. De temperatuur was toen rond het vriespunt, het sneeuwde en ik had mijn sneeuwkettingen niet bij me. Wat er in 12 maanden al niet kan gebeuren !! Na precies 60 minuten bereik ik het hoogste punt op 1112 meter bij albergo Perlonck, ook wel het ‘hoge kip-restaurant’ genoemd. In deze gelegenheid kan je waanzinnig lekker eten, met kip als hoofdgerecht. Er is geen menukaart, en het is elke keer weer een verassing waar de antipasti, de primo piatto en de dolce (toetje) uit bestaat. Wijn en water staan standaard op tafel, en er wordt een vaste prijs per persoon gerekend, ongeacht hoeveel er gegeten (en gedronken!!) wordt. Een absolute aanrader. Boven op de top gauw even een windjackje aan, want ik ben inmiddels toch wel heel behoorlijk nat van al dat luie zweet. De afdaling bestaat uit 2 delen. Het eerste stuk is smal bochtig asfalt met zeeeeeeeeeer veel grind (daar strooien ze in de winter mee) dus niet al te snel door de bochten. Deze relatief lage snelheid kwam mooi uit, want even later glipte ik rakelings langs een mij tegemoet komende bestelauto. Die had mij dus nooit hier verwacht en ik hem evenmin. Het tweede deel is uitsluitend kicken tot je de tranen in je ogen hebt. Snel asfalt, 13 procent (naar beneden) en een duitse atb-er (kon dus nooit de fiets van mijn opa zijn geweest) oftewel alle ingredienten om er eens lekker tegenaan te gaan. Neus op het stuur, ergopower op de 12 en knallen. Als je zo plat op het stuur hangt kun je trouwens perfekt op je fietskomputertje zien dat de snelheid 80 km/uur bedraagt op de rechte stukken. Dan is een 53*12 eigenlijk maar een kleuterverzetje. En die atb-er zag ik aan het einde pas weer terug. Dan moet je door een onverlichte tunnel van pakweg 500 meter, wat ik altijd heel rustigjes aandoe. Aan het eind van de tunnel haalde hij me in, maar na de tunnel was er nog een korte maar snelle afdaling met veel haarspeldbochten en dan is een atb per definitie geen partij. Nog 3 kilometertjes scheiden mij van de barbecue,
want pa lustig is al druk bezig de lunch voor te bereiden. Italiaanse
salamiworstjes, en die zijn wel zooooooooooo lekker !!!!!! Arrivederci Roberto Lustig,
|